NIS2: waarom Europa inzet op strengere digitale weerbaarheid
Over NIS2
Cyberaanvallen worden steeds geavanceerder en gerichter. Niet alleen grote organisaties, maar ook middelgrote bedrijven, mkb’ers en hun ketenpartners worden steeds vaker geconfronteerd met digitale dreigingen. Staten en criminele groeperingen richten zich nadrukkelijk op supply chains, kritieke dienstverlening en organisaties van uiteenlopende omvang en sectoren. Dit brengt grote risico’s met zich mee voor data, bedrijfsvoering, continuïteit en reputatie van individuele bedrijven.
Om deze dreigingen het hoofd te bieden, heeft de Europese Unie de NIS2-richtlijn ingevoerd. Deze wetgeving verplicht lidstaten om digitale weerbaarheid structureel te verhogen en risico’s binnen ketens beter te beheersen. NIS2 is daarmee niet alleen een juridische verplichting, maar vooral een noodzakelijke stap richting een veiliger en veerkrachtiger digitaal ecosysteem.
Met NIS2 verplicht de Europese Unie organisaties om bewuster, structureler en aantoonbaar met cybersecurity om te gaan. Het gaat hierbij niet alleen om techniek, maar juist ook om governance, verantwoordelijkheid en voorbereiding. Digitale veiligheid wordt daarmee een organisatiebreed en bestuurlijk onderwerp.
Voor wie geldt NIS2?
NIS2 geldt direct voor organisaties die vanwege hun omvang, rol of maatschappelijke impact als essentieel of belangrijk worden aangemerkt. Dit zijn organisaties in verschillende sectoren, zoals zorg, energie, voedselketens, financiële en juridische dienstverlening, industrie en digitale infrastructuur. Ook organisaties die niet direct onder de wet vallen, krijgen ermee te maken als onderdeel van een keten, omdat zij moeten voldoen aan eisen die klanten of partners stellen.
Binnen NIS2 wordt gewerkt met drie niveaus van verplichtingen, aangeduid als Quality Marks QM-30, QM-20 en QM-10.
NIS2 entiteit (QM-30)
Organisaties waarop de NIS2 van toepassing is, zijn organisaties met een hoge maatschappelijke impact. Deze organisaties vallen direct onder de NIS2-wetgeving en krijgen te maken met de bijbehorende verplichtingen. Het gaat hier om (middel)grote bedrijven in Nederland met meer dan 50 medewerkers of een jaaromzet en balanstotaal van meer dan €10 miljoen in sectoren zoals:
- Zorg
- Energie
- Voedselketens
- Financiële en juridische dienstverlening
- Industrie
- Digitale infrastructuur
Naast omvang en sector houdt NIS2 ook rekening met de feitelijke rol van een organisatie. In uitzonderlijke gevallen kunnen ook kleinere organisaties door de overheid worden aangemerkt als NIS2-plichtig, wanneer zij een kritische functie vervullen binnen de samenleving of een essentiële dienst leveren.
Voor alle QM-30-organisaties geldt dat zij directe wettelijke verplichtingen hebben, onder toezicht staan van de toezichthouder en moeten voldoen aan de NIS2-eisen op het gebied van governance, risicomanagement, technische beveiliging en ketenbeheersing.
NIS2 ketenpartner (QM-20)
NIS2-plichtige (QM-30) organisaties worden verplicht om hun continuïteit en digitale weerbaarheid aantoonbaar te borgen. De wet kijkt nadrukkelijk verder dan de eigen organisatie en verplicht deze entiteiten om ook cyberrisico’s binnen hun toeleveringsketen te beheersen. Dit betekent dat NIS2-plichtige organisaties eisen stellen aan hun leveranciers en dienstverleners, die moeten kunnen aantonen dat verstoringen bij partners geen risico vormen voor hun eigen dienstverlening.
Vanuit deze ketenverantwoordelijkheid ontstaat de tweede categorie binnen NIS2: QM-20. Deze groep is aanzienlijk groter dan de organisaties die rechtstreeks onder NIS2 vallen. Naar schatting staat tegenover elke NIS2-plichtige organisatie ongeveer tien ketenpartners die indirect met NIS2-eisen te maken krijgen. QM-20 bestaat uit organisaties die zelf niet altijd rechtstreeks NIS2-plichtig zijn, maar die door hun rol als leverancier of dienstverlener wel onder een beperkte set aan eisen komen te vallen, opgelegd door klanten of contracten.
Niet NIS2 plichtig (QM-10)
De derde categorie binnen NIS2 zijn de organisaties die niet direct onder de NIS2-wetgeving vallen en geen structurele rol vervullen binnen de toeleveringsketen van een NIS2-plichtige organisatie. Deze organisaties worden aangeduid als QM-10.
Voor QM-10 geldt dat zij geen wettelijke NIS2-verplichtingen hebben en niet onder toezicht staan van een toezichthouder. Zij hoeven geen formele rapportages te doen en zijn niet verplicht om te voldoen aan de uitgebreide governance- en beveiligingseisen zoals die gelden voor QM-30- en QM-20-organisaties. Dit betekent echter niet dat cybersecurity voor deze groep irrelevant is. Ook QM-10-organisaties krijgen steeds vaker te maken met basisbeveiligingseisen vanuit klanten, verzekeraars of contractuele afspraken. Daarnaast kunnen zij in de toekomst alsnog doorschuiven naar QM-20, bijvoorbeeld wanneer zij leverancier worden van een NIS2-plichtige organisatie of een kritische rol gaan vervullen binnen een keten.
Tijdlijn
NIS2 is reeds vastgesteld door de Europese Unie en wordt momenteel omgezet in Nederlandse wetgeving via de Cyberbeveiligingswet. De verwachting is dat de Cyberbeveiligingswet in Q2 2026 in werking treedt, waarna toezicht en handhaving worden uitgevoerd door de Rijksinspectie Digitale Infrastructuur. Hoewel de verplichtingen formeel pas vanaf Q2 2026 gelden, is wachten tot dat moment niet verstandig. Veel organisaties en ketenpartners zijn daarom nu al gestart met de voorbereiding.